Het huis 'Den Cleynen Keyser'

 

Het pand Markt nr. 11 heette vroeger "Den Cleynen Keyser". Niet dat deze naam iets te maken heeft met de kleine Corsikaan, Napoleon, want de naam wordt reeds vermeld in 1700 toen de latere Franse keizer nog moest geboren worden. De benaming was waarschijnlijk geïnspireerd door de populaire Keizer Karel V, doch daar hebben wij het gissen naar. Het attribuut klein diende trouwens uitsluitend om het te onderscheiden van een gelijknamige huis in de Bostraat, dat inderdaad groter van omvang was.
In het begin van de 17de eeuw vermeldt het Maaseiker archief de vroegst bekende bewoner en bezitter van het pand, namelijk de familie Baes, doch in 1632 komt het door erfenis in de handen van Peter Vreysen. In de daarop volgende jaren wisselt het huis trouwens nog verscheidene malen van eigenaar, zonder dat er hiervoor interessante bijzonderheden te ontdekken zijn.
Omstreeks 1687 vormde het pand "Den Cleynen Keyser" echter reeds een trefpunt voor dorstige en gezelschapzoekende stadsgenoten, want datzelfde jaar is er sprake van de toenmalige bewoner Lyna Swilliens, weerdt in den Keyser op der mercht. "Den Cleynen Keyser" was blijkbaar toen reeds een van de deftige drankgelegenheden waaraan Maaseik in de loop der eeuwen zo rijk is geweest.
De lotgevallen van het huis zijn trouwens ook in de daarop volgendejaren niet vrij van afwisseling. In het begin van de 18de eeuw behoorde het aan één der belangrijkste families van onze stad: de familie Pergens. In 1737 werd het verkocht door de Heer Daniël de Pergens - de familie was ondertussen dus blijkbaar in de adelstand verheven - voorzitter van de Maaseiker Schepenbank, een rechtbank die de bevoegheid had te oordelen over leven en dood. De nieuwe eigenaar werd Herman Bouten, die er het bedrag van 2380 Gulden Brabants voor neertelde. Bouten was gehuwd met Gertrudis Tonissen. Er ruste toen op de woning een cijns van 2 goudgulden jaarlijks te betalen aan de toenmalige Fabriek der parochiekerk.
Enkele jaren later - wij schrijven ondertussen 1770 - verkopen de erfgenamen Bouten het huis Le petit Empereur voor 3000 Gulden aan de weduwe van Herman Scherpenseel, Mejuffrouw Pijls. Deze dame die op de Markt ook nog het huis Het Hoedje bezat, woonde toen op de Heren-Lakeen de grootste pachthoeve van de gemeente. Jammer genoeg is deze zeer oude boerderij in Aldeneik door de baggerwerken aldaar verdwenen.
Over de geschiednis van het pand Den Cleynen Keyser in de 19de eeuw valt eigenlijk niets noemenswaardigs te vertellen. In 1830 was het bewoond door het echtpaar Gerard Gielen en Cornelia Grim. Erbij woonde de weduwnaar Antoon Gielen, Geneesheer.
Slechts enkele jaren later was het huis bewoond door de weduwe Marie Tulleners, die er blijkbaar een klein kosthuis uitbaatte. Eén van haar gasten in 1846 was Henry Vanderdock, notaris-klerk.
In het begin van deze eeuw was het eigendom van de Heer en Mevrouw J. Raedschelders-Delaruelle, horlogemakers. Volgens een advertentie in de toemalige pers:
Groothandel in horlogiën, regulateurs, wekkers en pedules, goud en zilver. Grote keuze in rouwkransen, speelgoed, pijpen enz...
Nu, zoveel jaren later heeft het huis· "Den Cleynen Keyser" zijn oude traditie , uit de 17de eeuw, weer opgenomen om één der belangrijkste werken van barmhartigheid uit te oefenen tegenover de mede mens:

 

De dorstigen laven en de hongerigen spijzen

Immo

Dit onderdeel is nog onder constructie.

Suggesties

Dit onderdeel is nog onder constructie.

Vacatures

Dit onderdeel is nog onder constructie.